Wat houdt een rijexamen bij het CBR precies in?

Rijexamen Categorie B

 

Het rijexamen bestaat uit een aantal element zoals de opdrachten, het zelfstandig route rijden en het rijden op aanwijzingen van de examinator. Het belangrijkste in je gehele examen is om te onthouden dat je geen haast heb. Ga door de spanning geen rare besluiten maken of belangrijke dingen als je kijkgedrag weglaten. Houdt je rust en bedenk dat wat je geleerd heb het belangrijkste is.

 

Tijdens het rijden is het belangrijk om de juiste snelheid toe te passen. Het uitgangspunt is de snelheid die op de weg waar je rijd is toegestaan. Maar heeft deze weg een paar onoverzichtelijke zijstraten zorg er dan voor dat je de snelheid aanpast. De veiligheid heeft eigenlijk altijd voorrang. Zo kan het voorkomen dat je bijvoorbeeld een inhaalmanoeuvre het veiligst uitvoert als je even iets harder dan toegestaan rijdt.

 

Wat is belangrijk om te doen

·         Blijf voortdurend je blik veranderen zodat je een totaaloverzicht houdt.

·         Neem de tijd om goed in je spiegels te kijken en herhaal het kijken.

·         Controleer voordat je aan een bepaalde manoeuvre begint.

·         Overdrijf niet, als je goed waarneemt dan ziet de examinator dat ook wel.

·         Zorg dat je op tijd klaar bent met je handelingen. Dit houdt dus in dat je:

o   Kijken

§  Drukte op rotonde of kruispunt

§  In het geval van afslaan, binnenspiegel, buitenspiegel en je schouder/dodehoek controle

o   Richting aangeven als je voorsorteert of links of rechts afslaat

o   Afremmen tot grofweg 20 km/u probeer tegelijkertijd terug te schakelen

o   Koppeling helemaal oplaten komen. Zo kan je sneller reageren als je door kan gaan. Moet je toch stoppen dan trap je de koppeling weer in.

·         Neem voldoende ruimte bij het passeren van stilstaande objecten en bewegende verkeersdeelnemers. Ook als dat betekent dat je daarvoor (deels) op de andere weghelft moet komen. Zolang je je tegenliggers maar niet hindert. Probeer niet koste wat kost binnen de lijnen te blijven als dat de veiligheid in gevaar brengt. Het is maar verf waar je overheen gaat.

·         Sorteer waar mogelijk duidelijk voor.

·         Probeer bochten netjes op je eigen weghelft te nemen.

·         De veiligheid heeft eigenlijk altijd voorrang. Zo kan het voorkomen dat je bijvoorbeeld een inhaalmanoeuvre het veiligst uitvoert als je even iets harder dan toegestaan rijdt.

 

De opdrachten

Je kan tijdens je examen te horen krijgen dat je de parkeeropdracht, stopopdracht of omkeeropdracht mag uitvoeren.  Wat houden deze opdrachten nu in?

 

Parkeeropdracht

De examinator geeft je op een bepaald moment een parkeeropdracht. Dit houdt in dat je dan zelfstandig een keuze moet maken op welke manier en waar je parkeert. Je kan op een aantal manieren voldoen aan deze opdracht

  • Fileparkeren achterwaarts
  • Vooruit in een vak parkeren
  • Achteruit in een vak parkeren

Stopopdracht

Daarbij moet je zo kort mogelijk achter een ander voertuig stoppen, om aansluitend zelfstandig vooruitrijdend (niet eerst achteruit),weer aan het verkeer deel te nemen. Dit kan zowel aan de linker als rechterzijde van de rijbaan. Hierbij is het van belang dat je een juiste inschatting hebt van de lengte van de neus van de auto. Bij de uitvoering van de bijzondere manoeuvres is niet alleen het technische aspect belangrijk. Er wordt vooral ook gelet op de keuzes die daaraan vooraf gaan, zoals de plaats, het moment en de wijze waarop je de opdracht uitvoert. Een stopopdracht is géén parkeren het mag dus ook voor een uitrit, je rijdt daarna toch meteen weer weg

 

Omkeeropdracht

Bij de omkeeropdracht gaat het erom dat je de auto kunt keren op een veilige verantwoorde en technische wijze volgens de rijprocedure. Je dient daarbij voor jezelf te bedenken hoe je dit het meest handig, efficiënt, veilig en vlot kunt oplossen. Dit kan door middel van een bocht achteruit, keren door middel van steken en een halve draai. Zoals al eerder gezegd hou rekening met de drukte, omgeving en in zijn totaliteit de veiligheid.

 

NIET toegestaan is:

  • Een rotonde oprijden
  • Een rondje om een perkje
  • Gebruik maken van een mogelijkheid in een andere straat.
  • Privé terrein gebruik. Zie het hek/poort of andere soorten afsluiting als maximum.